Na werken is winkelen de belangrijkste reden om een stad in Overijssel te bezoeken. Twee derde van de niet-stedelingen bezoekt minimaal één keer per maand een van de steden in deze provincie om er te winkelen.

Deze groep neemt wel af. In 2009 bezocht nog driekwart van de niet-stedelingen maandelijks een stad om te winkelen. De leegstand van winkels is in 2013 in alle vijf Overijsselse steden toegenomen. Dit blijkt uit de nieuwste uitgave Overijssels Feit van de provincie Overijssel.

Bijna iedere inwoner van Overijssel die regelmatig een van de vijf grote steden bezoekt, gaat daar wel eens heen om te winkelen. In 2009 viel 9 procent van de niet-stedelingen in de categorie ‘heavy shoppers’: inwoners van buiten de steden die minimaal wekelijks in een van de grote steden gingen winkelen. In 2013 was het percentage heavy shoppers gedaald tot 6 procent.

De leegstand van winkels was vorig jaar in Almelo het hoogst (18 procent) en het laagst in Zwolle (7 procent). De leegstand is in alle steden gegroeid vergeleken met 2007. De leegstand nam percentueel het meest toe in Hengelo en het minst in Enschede.

De leegstandsproblematiek is volgens de provincie in de kern een vraagstuk van de gemeenten en de markt. De rol van de provincie hierin is signaleren en agenderen. In deze rol subsidieert de provincie innovatieve concepten om de leegstand in winkelgebieden aan te pakken. Er worden zes pilots uitgevoerd in Hengelo, Hof van Twente, Olst-Wijhe, Deventer, Kampen en Enschede. Met de organisatie van de Winkeltop Overijssel op 16 juni in Hengelo voorziet de provincie in kennisdeling.

Bron: Vastgoedmarkt

Gelabeld met → 
Deel →